 |

Bij het krieken van de dag, als de zon langzaam opkomt boven de vlakte, is
Boedapest op zijn mooist. Het zachte licht van de ochtendzon omfloerst de stad
en zet als een reuzenschijnwerper de hoog oprijzende
gevels van Buda in het licht. Gouden zonnestralen weerkaatsen in de ramen van de
Burchtheuvel. Maar ook 's nachts biedt Boedapest een schitterende aanblik.
Duizenden lampjes tonen de contouren van de Kettingbrug
en tal van openbare
gebouwen zijn verlicht waaronder het Parlement, de Opera, het Koninklijk Paleis
en de Burcht. Net zoals een chique dame met haar juwelen pronkt en in vele
modecreaties schittert. zó schittert ook Boedapest op
alle momenten van de dag: in de ochtend, in de nacht en ook op de dag zelf
wanneer de stad leeft en in beweging is en bezoekers van heinde en verre het
gevoel krijgen dat hier altijd wel iets gebeurt. Er zijn trouwens veel
meer steden in de wereld die aan een rivier liggen of waar het water dwars door
het oude centrum stroomt. maar zo breed en weids als de rivier bij Boedapest is,
dat is een unicum! En het meest unieke is wel dat de oevers elkaars tegenpool
zijn: Buda is gebouwd op heuvels waarvan er twee, de Burchtheuvel en de
Gellértberg als het ware met hun voet in de Donau staan. Pest is daarentegen zo
plat als een pizza, of zoals de Boedapestenaren zeggen zo vlak als het lángosbrood dat zij in vroeger tijden al bakten. Zonder overdrijving kun
je wel stellen dat Boedapest een van de mooiste en fraaist gelegen steden van
Europa is. De eer van de eerste Hongaarse vermelding op de
UNESCO-Werelderfgoedlijst ging dan ook naar de Donau-oever: van het
Gellért-hotel en de Burchtheuvel tot aan de Margit-brug aan de Budazijde,
en van het Parlementsgebouw tot aan de Petõfi-brug aan de kant van Pest. Ook de Andrássy-straat staat in zijn geheel op deze lijst, van het begin tot aan het
Millennium-monument bij het Stadspark. De eerste Hongaarse stammen die in het
jaar 896 naar Hongarije kwamen bevolkten eerst de vlakten
en trokken later door naar de beter te verdedigen heuvelgebieden. Vanaf de
dertiende eeuw zetelde de koning in Buda en werden er steeds meer en fraaiere
paleizen gebouwd. Hieromheen ontstond een bloeiende stad. Pest was in die tijd
een stad van handelslieden en ambachtslui. Het jaar 1872 bracht een heel
belangrijk moment voor de stad, want in dat jaar werden de drie kernen
Pest. Buda en Óbuda verenigd en heette de stad officieel Boedapest. De
negentiende eeuw en met name de periode rond de eeuwwisseling, was de Gouden Eeuw
van Boedapest: in korte tijd groeide de stad uit tot wereldstad. De stad
Boedapest. die inmiddels al zo'n twee miljoen inwoners telt. zou een prominente
plaats innemen in een boek met records: De stad bezit de oudste metro van het
vaste land van Europa; geen stad schonk de wereld zoveel belangrijke filmmakers
als Boedapest; hier woonden niet alleen wereldberoemde uitvinders als Kálmán Kandó, de geestelijk vader van de elektrische locomotief, of János Irinyi, de
uitvinder van de lucifer, maar ook tal van bekende kunstenaars en twee
vooraanstaande Hongaarse componisten, Béla Bartók en Zoltán Kodály. En ook de
schrijver Imre Kertész, nobelprijswinnaar voor literatuur, werd hier geboren. In
Boedapest bevindt zich de oudste wetenschappelijke boekverzameling van
Hongarije, de Universiteitsbibliotheek. In Pest staat de grootste synagoge van
Europa. Boedapest is de enige hoofdstad ter wereld waar meer dan 100
warmwaterbronnen met thermaal en geneeskrachtig water ontspringen. Er is geen
andere metropool in de wereld waar je als toerist midden in een woonwijk een
druipsteengrot kunt bezoeken!
|
 |
 |
|